Zomaar ineens kwam vorige week de oprecht gestelde vraag weer eens voorbij; hoe gaat het met je? Ik vind het een moeilijke vraag om antwoord op te geven, dus ontweek ik handig een antwoord door te zeggen ik ben druk en daarover te vertellen. En het was geen leugen want ik ben heel druk met ‘Uit liefde gemaakt’. Maar de vraag hoe het met mij gaat, blijft door mijn hoofd malen. En ergens vind ik het flauw van mezelf dat ik een ontwijkend antwoord heb gegeven.
Het gaat niet goed maar ook niet slecht met mij. Ik ben op een gezonde manier trots op mezelf hoe ik leer omgaan met de spanning en angsten in de vakantie periode. Ik ben bezig om mijn eetprobleem aan te pakken met hulp van de POH en de psycholoog. En dat gaat met vallen en opstaan. Maar er oprecht mee bezig zijn voelt goed. Mentaal heb ik de afgelopen jaren heel wat stappen gezet en werk ik eraan om te groeien en sterker te worden. Ik voel me (nog steeds) heel onzeker over mezelf, de angst om fouten te maken en daarom afgewezen te worden is groot. De angst om niet leuk, niet aardig of niet goed genoeg gevonden te worden is net zo groot. Er is (ook nog steeds) de worsteling met ben ik oke, mag ik erbij horen, geven mensen echt om mij? Die worstelingen met mezelf zijn vanbinnen nog best groot. Ik heb moeite mijn (over)gevoelige aard, ik kan zo worstellen met dingen die gezegd zijn of die er gebeuren. Ik kan het moeilijk loslaten of negeren. Het liefst wil ik met iedereen het goed hebben. En ik weet dat dat niet kan. Ik vind mijn behoefte aan diepgang en verbinding in bepaalde contacten best lastig. Ik wil niet anders zijn, dat doet zeer.
Fysiek gaat het lopen moeilijk en een tijdje stil staan is zwaar en pijnlijk. Ik hoop dat het me gaat lukken om op een gezonde manier een aantal kilo’s kwijt te raken. Ik weet dat is beter voor mijn lijf. Ik ben moe, heel moe. Het slapen gaat al jaren heel wisselend. Maar het is meer dan lichamelijk moe, het is een soort van levensmoe. Moe van het zoeken en vechten, moe van het mezelf uitleggen en verklaren. Moe, van het zoeken en verlangen naar begrip, aanvaarding en liefde. Gewoon intens moe! Er is een verlangen dat God liever vroeger dan later een einde maakt aan mijn leven. Ik kijk niet uit naar de toekomst, want ergens jaagt die me angst aan. Als mijn broers en vriendinnen er niet meer zijn. Dan zie ik weer leegte en eenzaamheid voor me, die ik ken uit mijn jeugd en daar verlang ik niet naar terug. Maar Gods wegen zijn anders als mijn wegen en dat is iets wat ik moet accepteren.
Ik geniet van het goede dat ik krijg vooral door de verschillende contacten rondom ‘Uit liefde gemaakt’. Ik ben zo intens dankbaar dat God mij helpt om liefde te ervaren in mijn leven. Wat ik in mijn jeugd heb gemist kan in niet meer inhalen, maar ik kan wel gaan leren om het nu te zien, te voelen, te ontvangen en het door te geven aan anderen. Dat God mij ‘Uit liefde gemaakt’ heeft toevertrouwd raakt me heel diep. Wat ben ik Hem dankbaar voor dit kado, Hij wist en weet wat ik nodig heb en had. Ik heb hier zoveel lessen van de psycholoog in de praktijk kunnen brengen. En nog steeds is 'Uit liefde gemaakt’ en wat er in de groep gebeurt regelmatig onderwerp in mijn gesprekken met hem. De groep vrijwilligers is de afgelopen jaren behoorlijk gegroeid en er zitten sterke karakters tussen en daar mee omgaan is spannend en soms moeilijk. 'Uit liefde gemaakt' geeft doel, zin en kleur, aan- en in mijn leven. Het geeft afleiding van moeilijke en donkere gedachten. Ik ben er door gegroeid en veranderd als mens.
Ik ben dankbaar voor de vriendschappen die ik heb en hoe die in de afgelopen jaren zijn verdiept naar een voor mij ongekend niveau. Fijn om te merken en te ervaren dat mensen om me heen staan, dat ze er voor mij willen zijn. Maar dat het ook wederkerig is en ik er voor hun mag zijn. Ik ben dankbaar dat voor de gesprekken met de psycholoog. Ik ben dankbaar dat mijn geloof, mijn relatie met God en alles wat daar bij hoort bespreekbaar is in die gesprekken. Het is fijn om te merken dat mijn worstelingen, vragen en twijfels op geloofsgebied er mogen zijn, dat ik me er niet voor hoef te schamen. Ik merk voorzichtig groei en verandering, het is kwetsbaar en onzeker en tegelijkertijd is er een honger naar meer. Ik ben dankbaar dat God de afgelopen jaren zo vaak en zo duidelijk voor mij gezorgd heeft, mij geholpen heeft en nog steeds helpt. Hij laat echt niet los, ondanks dat ik elke keer weer te kort schiet naar Hem toe. Dat ontdekken, daar voorzichtig op te durven vertrouwen, dat is iets heel bijzonders voor mij.
Ik ga deze blog naar de persoon sturen die vroeg hoe gaat het met je. Dan heeft die persoon een aanvullend antwoord. Al is mijn ontwijkende antwoord die persoon waarschijnlijk niet opgevallen....