Al jaren verlang ik naar het einde van mijn leven. Als meisje van een jaar of 12 a 13 heb ik geprobeerd zelfmoord te plegen. Ik kon niet meer verder, ik was zo vastgelopen. Heel naïef nam ik een handvol paracetamol in, in de hoop dat ik daarmee nooit meer wakker hoefde te worden. Helaas had het geen effect en werd ik wakker van mijn moeder die onderaan de trap riep dat we konden eten. De eenzamheid, de teleurstelling en de pijn waren toen zo groot. Maar ik was vast besloten op een dag gaat het me lukken! Op een dag pleeg ik zelfmoord, kies ik er bewust voor om een einde te maken aan mijn lijden. Die gedachten en plannen heb ik later in mijn pubertijd en als jong volwassene wel beter uitgewerkt. Ik had helemaal bedacht hoe ik het zou doen. En wel zo dat het met wel zou lukken, nog een keer die pijn en eenzaamheid door maken van een mislukte poging wilde ik niet. Dat ik het zou doen wist ik zeker, ik hbe ook nooit gedacht dat ik op mijn48e nog zou leven. Ik heb nooit gepraat met iemand over wat ik toen gedaan heb, tot een jaar of 8 jaar geleden.
Een jaar of 8 geleden liep ik weer totaal vast, misschien nog wel vaster dan als tiener. In ieder geval ik was op, ik kon niet meer. Ik moest gevoelsmatig kiezen of ik zet nu mijn zelfmoordplan in werking of ik zoek hulp. Wil ik, durf ik de stap te nemen naar hulp? Wil ik, durf ik de gok wagen om me kwetsbaar op te stellen en kijken of er iemand is die wil luisteren naar mijn verhaal? Durf ik een poging te doen? Durf ik de gok te wagen om een luisterend oor en een stukje begrip (empathie) te krijgen? Iets in mij wilde de strijd/het leven niet opgeven zonder er nog 1x voor te vechten. Dus ik koos voor hulp zoeken. De beste keuze die ik kon maken!
Dat betekent niet dat het verlangen naar de dood en naar een einde aan mijn leven weg was. De zelfmoordplannen en gedachten waren er nog steeds, wel sloot ik met mijn psycholoog een contract af waarin ik beloofde niet zomaar een einde aan mijn leven te maken. Dat contract is jarenlang een reddingsboei geweest. Het gaf mij houvast op hele donkere en zware momenten. Een aantal maanden geleden vroeg onze dominee of ik de deur naar de zelfmoord gedachten en plannen dicht wilde doen en de sleutel een God/Jezus geven. Ik vind dat heel moeilijk. Ik moet dan plannen en gedachten loslaten die ik al jaren als mijn ontsnappingsroute heb gezien. Al jaren heb ik in mijn hoofd, als achterdeur de gedachten dat als ik weer vast loop en er voor mij geen andere uitweg meer is. Ik de stap neem om een einde te maken aan mijn leven. Durf ik het aan om die achterdeur nu dicht te doen en op slot te draaien? Kan ik die sleutels definitief overdragen aan Hogere handen? Het is een mooi en goed voorstel, maar niet iets wat ik zomaar even kan doen. Emotioneel vraagt dit heel veel van mij. En dan komt er meteen de twijfels en de onzekerheid. Is mijn geloof dan niet groot genoeg? Vertrouw ik God dan niet genoeg? Hou ik meer van mezelf dan van God als ik deze achterdeur niet dicht kan doen. Geloof ik dan wel goed genoeg? God weet toch als beste wat goed is voor mij en Hij geeft me toch kracht naar kruis? Hij laat me niet iets doen wat ik niet kan dus moet ik dit toch doen? Waarom kan ik dit dan niet zomaar doen als de dominee het voorstelt? Waarom is het zo moeilijk? Een eenvoudige vraag van de dominee die bij mij van binnen zoveel lostrekt en loswoelt. Gelukkig kan ik er praten mijn psycholoog, ik ben zo dankbaar dat ik ook geloofsvragen en worstelingen op tafel mag leggen. Dat ook dat stuk van mijn leven betrokken kan worden in mijn hulpverlening. Ik ben God intens dankbaar dat ik een hulpverlener heb die Hem kent en die ook in onze gesprekken de weg Hem en naar boven wijst.
Een aantal maanden ben ik al aan het worstellen vooral van binnen, in mezelf met de vraag, het idee van de dominee om de achterdeur dicht te doen. De laatste weken dacht ik heel stoer dat ik de deur al aardig dicht had gedaan. Ik was in gedachten al bezig om een symbool te bedenken wat ik de dominee kon geven. Als antwoord op zijn vraag/idee om die achterdeur dicht te doen en de sleutel af te geven. Tot ik afgelopen week ineens geconfronteerd werd met mezelf. Er gebeurde iets op financieel gebied wat me wel zodanig uit balans bracht dat de achterdeur meteen weer wagenwijd open vloog. Meteen was er de gedachtes weer, wil ik/kan ik zo nog jaren verder leven? Ik schrok van mezelf, van hoe sterk het verlangen naar de dood is. Ik schrok van de draaikolk van gevoelens en gedachten die aan me trokken.
Het is al een aantal jaren niet meer alleen het idee van zelfmoord. Een ongeneeslijke ziekte, of een ongeluk wat ik niet overleef is ook goed. Als ik maar niet oud hoef te worden. Ik heb een niet reanimeren verklaring ingevuld en aan onderzoeken naar kanker etc. doe ik niet mee. Ik verlang er naar om deze aardse strijd op te geven. Ik verlang er naar om naar mijn Hemelse Vader te gaan. Ik verlang er naar om de rust en warmte te vinden die ik nooit heb gekend. Ik verlang naar een einde van een emotionele en mentale strijd, ik verlang naar een einde van een financiële strijd, ik verlang er gewoon om bij God te zijn. De plek waar ik helemaal tot mijn recht zal komen, de plek waar geen zorgen, geen verdriet en geen pijn meer is. De plek waar ik rust vind en echt Thuis mag komen. En als die dag er is vier dan gerust feest dat doe ik ook!. Dan is het feest in de Hemel want dan ben ik Thuis gekomen!
Of en wanneer ik mijn achterdeur zal dichtdoen ik weet het echt niet. Zomaar dicht doen en op slot draaien is geen optie. Daar ben ik afgelopen week heel goed achter gekomen en daarvoor zit de gedachten en het plan te diep in mijn hoofd en gevoelsleven verankerd. Het is in ieder geval wel weer een punt wat actief op de agenda moet in de gesprekken met mijn psycholoog dat heeft de afgelopen week mij ook wel weer duidelijk gemaakt. Wat ben ik blij dat ik nog steeds psychologische hulp heb. Wat ben ik blij met de reddingsboei van het contract, dat als de nood hoog is ik weet waar ik Hulp moet zoeken en mag vragen. Zowel hier op aarde als hoog boven ons in de Hemel. Dankbaar ben ik vooral God dat Hij me steeds opvangt als ik denk te vallen! Hij geeft me steeds weer nieuwe reddingsboeien om de strijd vol te houden. Ik verlang er naar dat Hij me straks met open armen opwacht als ik Thuis mag komen (op Zijn tijd)!

Geen opmerkingen:
Een reactie posten