maandag 28 september 2020

Corona en eenzaamheid

Ik ben opgegroeid met weinig warmte en liefde, zonder knuffels of een aai over mijn bol. Fysieke aanrakingen waren een zeldzaamheid in mijn jeugd. Het was er gewoon niet en ik heb altijd gedacht dat wat je niet kent je ook niet mist. Maar dat is niet zo.

De afgelopen jaren ben ik iets van een soort huidhonger gaan ontwikkelen. Een nieuw voor mij onbekend verlangen naar aanraking, naar een arm om mijn schouder, naar een kneepje in mijn schouder, naar die plagende aai over mijn bol. Ik denk dat dat verlangen is geroeid met het me emotioneel zijn gaan  hechten aan mensen, het mensen zijn gaan durven en kunnen vertrouwen. Voor corona kon ik (“spontaan”) als ik de kerk in liep de man van een vriendin plagend over zijn kale hoofd aaien en gekscherend zeggen ik moest even je bolletje oppoetsen 😊. Maar corona kwam en de daarbij horende 1.5 meter regel, dus afstand houden. En de kerkdeuren gingen dicht, dus ik zag ze daar ook niet meer. Letterlijk afstand, maar ook emotionele afstand. Wat als ik hem aanraak en hem ziek maak. Dat wil ik niet op mijn geweten hebben. Gelukkig is de kerk weer open, maar mijn vriendin en haar man willen/durven er nog niet heen te gaan. Ik mis ze, ik mis het even een praatje maken met iemand in de kerk, ik mis het “gewoon” naar de kerk kunnen gaan. Nu is het wachten en hopen dat er op zaterdag bericht komt dat ik mag komen. Nu is er ook in de kerk afstand, letterlijk afstand en ik ben bang dat die letterlijke afstand ook een emotionele afstand gaat worden. Ergens ben ik bang dat er straks nog weinig van de gemeente over is. 

Er was tot voor kort een klein jongetje in mijn leven dat vaak bij me op schoot wou zitten en zo totaal onbewust mijn behoefte en verlangen naar aanrakingen, emotionele en fysieke nabijheid vulde. Dat kleine warme lijfje tegen me, dat raakte diep vanbinnen iets aan. Dat vulde een bepaald gemis en verlangen. Doordat de vriendschap met zijn pleegmoeder is verbroken, is ook dit contact weg. En ik moet bekennen dat ik hem zoveel meer mis dan zijn moeder. Dit kind dat onbewust mij zoveel heeft gegeven, dat maakt mij nu nog bewuster van waar ik naar verlang.

Ik verlang naar nabijheid, naar troost, ik verlang naar weer gewoon een hand te kunnen geven, om fysiek dichtbij en daardoor ook emotioneel dichtbij de ander te zijn. Om zo een stukje verbondenheid te voelen. Ik sta voor mijn gevoel overal buiten. Anderen hebben kinderen of kleinkinderen waar ze bij horen, waar hun behoefte aan fysiek contact wordt vervuld ik heb niets. Mijn handen en armen hebben nog nooit zo leeg gevoeld als nu. Het missen van een partner en kinderen voel ik nu nog meer dan anders. Mijn fysieke contact bestaat nu uit 1x in de week een hand krijgen van mijn psycholoog (ook al mag het niet) omdat hij weet hoe groot de behoefte en mijn verlangen is naar een stukje aanraking. Dat gebaar zegt me zoveel!

Door corona zijn mijn sociale contacten nog beperkter en mijn isolement groter geworden. Naast de fysieke anderhalve meter afstand voel ik vooral veel emotionele afstand. Alsof er door het beperkte sociale contact ook een emotionele afstand aan het groeien is. Ik voel me emotioneel eenzamer dan ooit tevoren. Al kom ik nu best weer met regelmaat op gepaste afstand onder de mensen. Ergens voel ik dat veel mensen in mijn omgeving banger en onzekerder aan het worden zijn. En ik merk het bij mezelf ook het corona (angst) virus laait weer hoog op. Nu is het alleen nog de anderhalve meter afstand houden van elkaar en grootte groepen vermijden. Maar straks gaat ons land misschien weer voor een 2e keer op slot. Gaan de kerkdeuren weer dicht, is er nog weer meer sociale en emotionele afstand. Ik weet wel je kan op de tv meekijken en dat is mooi en daar ben ik dankbaar voor. Maar ik beleef het anders als ik in de kerk zit, ik heb dat nodig. Ik wil op zondag naar God toe kunnen gaan. Ik ben er bang voor dat de regels weer strakker worden, dat we weer nergens heen mogen en dat naar de supermarkt gaan een “uitje” wordt. Bang dat alles wat de afgelopen weken weer iets kleur gaf aan mijn dagen weer afgepakt gaat worden. Ik ben bang dat ik straks echt hele dagen alleen in huis zit, dat niemand weet of ik er nog ben of niet. De anderhalve meter afstand wordt nu voor mijn gevoel echt een afstand. Ik miste altijd al een stukje fysiek contact, maar die behoefte is nu nog groter en intenser aan het worden.  Het gemis en verlangen voelt nog zwaarder, ik voel me meer dan ooit letterlijk en figuurlijk alleen staan.  

Wanneer komt er een einde aan deze nieuwe eenzaamheid? Want deze eenzaamheid voelt pijnlijker en zwaarder en is anders dan de eenzaamheid die ik ken van voor corona? Die eenzaamheid kende ik, daar was ik vertrouwd mee. Nu ik de afgelopen jaren heb mogen proeven aan hoe het is om contacten te hebben, om mezelf te laten kennen, om me te hechten aan mensen. Doet het zo zeer om afstand te moeten houden, mis ik de kleine aanrakingen heel erg. Ik mis door de 1.5 meter afstand de emotionele verbondenheid met anderen, mensen in mijn omgeving houden onbewust afstand. De angst om een ander ziek te maken is groot. Het voelt leeg vanbinnen, alsof ik iets moois en goeds aan het kwijtraken ben. Alsof ik stukjes van mezelf aan het verliezen ben. Stukjes die ik juist met hard zoeken de afgelopen jaren heb gevonden. Het voelt alsof langzamerhand alles wat mijn leven nog een beetje kleur gaf, een beetje leuk en leefbaar maakte door corona wordt weggehaald. Hoelang duurt dit nog? Wil en moet ik zo nog jaren door? Kan ik dit wel vol houden? Ergens ben ik diep vanbinnen bang dat de kloof zo groot wordt dat ik er niet meer tegen kan. Dat er maar 1 uitweg is en dat is datgene doen waarvan ik beloofd heb om het niet te doen. Maar die belofte houden wordt me door corona wel heel moeilijk gemaakt.

2 opmerkingen:

  1. Stil maar, Mijn kind Ik weet van je verdriet.
    Huil nu maar uit; je hoeft niet flink te wezen.
    Het zal wel duren, voor je wonden zijn genezen;
    Ik weet het. Droeg Ik al de smart der wereld niet?

    Stil maar, Mijn kind Ik weet wat je behoeft:
    Woorden van troost, die om geen uitleg vragen,
    een arm die steunt en die je last helpt dragen,
    een hart dat meeschreit om wat jou bedroeft.

    Stil maar, Mijn kind de nacht gaat weer voorbij;
    Ik strooi het licht uit, waar je voeten lopen,
    Ik doe de dichte deur weer voor je open,
    Ik ben er altijd. Maar vertrouw op Mij.

    Stil maar, Mijn kind Ik geef je troost en moed,
    meer dan een moeder aan haar kind kan geven.
    Je naam staat in Mijn handpalmen geschreven:
    Ik schreef de letters met Mijn eigen bloed …

    (een gedicht dat mij vaak troost)

    BeantwoordenVerwijderen